De Koning en de regenboog rondom Zijn troon.

En Die daarop zat, was in het aanzien den steen jaspis en sardis gelijk; en een regenboog was rondom den troon, in het aanzien den steen smaragd gelijk.

Openbaring 4:3

Geliefde (consulent)gemeente, we staan weer aan het begin van een nieuw jaar. Wat zal het ons brengen. Vele goede wensen zijn uitgesproken, de Heere moge ze vervullen. De reis naar de eeuwigheid gaat verder voor ons, maar ook voor alle mensen om ons heen. De geschiedenis van deze wereld stuwt zich voort naar het einde. Soms kan zorg ons hart vervullen. Wat zal de toekomst ons en onze kinderen brengen. Johannes zijn op Patmos schone en aangrijpende dingen getoond aangaande de onbekende toekomst. Hij ziet in het verband van onze tekst dat er Eén op de troon zit. Dat is God, Die alles regeert en bestuurt, dwars door alle wereldweeën heen. Hij regeert. Zou dat, bijzonder Gods Kerk, geen rust mogen geven voor de toekomst. God regeert en dat doet Hij altoos rechtvaardig, wijs en zacht. Van Hem zegt Johannes in onze tekst: “en Die daarop zat”. Nu moet Johannes iets gaan doen wat geen mens kan. Johannes moet gaan zeggen hoe die Koning eruit ziet. Wie zal dat kunnen? Wie zal God kunnen beschrijven? Dat kan niet en daarom zegt hij: En Die – hij geeft Hem niet eens een naam. Hij zegt alleen maar: En Die daarop zat, was in het aanzien gelijk aan. Nee, hoe het werkelijk is kan Johannes niet zeggen, maar hij vergelijkt het met twee edelstenen. Als hij dan iets moet zeggen van die Koning op Zijn troon, zegt hij: Weet u hoe Hij eruit ziet? Hij is in het aanzien de steen Jaspis en Sardis gelijk. De werkelijkheid blijft voor ons verborgen. Hij is aan Jaspis gelijk. Dat is een edelsteen vol kleuren; altijd helder, altijd blinkend en altijd schitterend als kristal. Onze verklaarders zeggen dat Jaspis bijzonder wijst op Gods vlekkeloze heiligheid. Sardis is een bloedrode edelsteen. Dat wijst vooral op Gods onkreukbare rechtvaardigheid. God, Die het kwade niet verdragen kan en de zonde straffen moet. God, Die de handhaving van Zijn wet, Zijn recht, Zijn Naam en Zijn eer eist. Johannes ziet Hem, die Koning op Zijn troon, in Zijn heilige rechtvaardigheid. Voor die heilige rechtvaardigheid, geliefden, kan niet één adamskind bestaan. Als Jesaja Hem zo ziet, zegt hij alleen maar: Wee mij, want ik verga. Johannes ziet die Koning op Zijn troon en Die is buiten Christus een verterend Vuur en een eeuwige Gloed. Straks – hoe aangrijpend! – straks zal Johannes zien dat die heilige, rechtvaardige God de fiolen van Zijn toorn zal uitgieten op al de goddelozen; op al degenen die voor deze Koning niet willen buigen. In beginsel ziet hij dit al in dit hoofdstuk (vers 5): “En van den troon gingen uit bliksemen en donderslagen en stemmen”. Johannes ziet die heilige rechtvaardige God Die straks al Zijn vijanden voor eeuwig zal wegdoen. Onbekeerde medereiziger, die Koning op Zijn troon zal de zonde eenmaal bezoeken in ons land, in onze gemeente, in ons gezin, in ons persoonlijk leven. Dat kan lang duren, want God is zeer lankmoedig. Maar als u doorgaat in uw zondige levenswandel, als u blijft weigeren voor God te buigen, als u het nooit eens een keertje voor Hem verliest, dan wordt het een keer wáár: dan zal Ik hen die dwaas en wreev’lig overtreên, bezoeken met de roede en bittere tegenheên. Kom, als u nog onbekeerd bent en zo het jaar 2019 inging, haast u dan toch, want het is nu nog de dag der zaligheid. Nu staat de deur der genade nog open. Het is nog genadetijd. Maar er komt een ogenblik en dan zal het gelden wat we lezen van die vijf maagden in Matthéüs 25: En de deur werd gesloten. Dan blijft er maar één ding over: het vonnis van de rechtvaardige, heilige Koning. Dan is het te laat!

En Gods volk, wat is hun toekomst?
Johannes mag nog iets zien. En een regenboog was rondom de troon. Hij
ziet een regenboog. Een regenboog doet ons meteen denken aan Noach.
Onze regenboog wijst erop dat God altijd getrouw blijft aan Zijn
woord. Zo vaak als we de regenboog zien is het alsof de Heere zeggen
wil: Ik ben eeuwig de Getrouwe en deze aarde zal nooit meer door
water vergaan. Nu ziet Johannes een regenboog rondom de troon. Maar
deze boog is geen teken van het natuurverbond, dat zegt dat deze
aarde niet meer door water zal vergaan. Maar deze boog, zegtKanttekening 10, is een beeld van het genadeverbond. Wat is het
genadeverbond? Het genadeverbond houdt de zaligheid in die God om
Jezus’ wil door de Heilige Geest aan Zijn uitverkoren Kerk schenkt.
Johannes ziet die regenboog rondom de troon. Het is alsof de Heere
zeggen wil: Johannes, zo zeker als de aarde nooit meer door water zal
vergaan, zo zeker zal Ik trouw blijven aan Mijn woord. Zo zeker zal
de ganse uitverkoren Kerk door al de wereldweeën heen – die nog
komen zullen, persoonlijk, in de kerk en in de wereld – thuiskomen.
Een regenboog rondom de troon. Zo’n boog hebben wij nog nooit
gezien. Wij zien altijd maar een halve boog. Dat is vaak heel mooi.
Maar deze regenboog die Johannes ziet is rondom de troon; zonder
begin en zonder einde, als een schone ring. Het genadeverbond is van
eeuwigheid tot eeuwigheid. Het genadeverbond is als een regenboog
rondom de troon, dat is nooit te verbreken. Die boog wijst op de
eeuwige, onwankelbare trouw van God. Hij zal het verbond met Zijn
Kerk in eeuwigheid bewaren. Wat er ook gebeurt op aarde aan strijd,
aan benauwdheid, aan zorg, en denk erom dat in Openbaring
verschrikkelijke dingen staan. Maar wat er ook gebeurt, hoe donker
ooit Gods weg zal worden, persoonlijk en ambtelijk, er is één Kerk,
Gods volk, en die komt thuis door alle wereldweeën heen. Dan mogen
ze voor eeuwig zijn bij die Koning, Die het zaligst lot ver boven
alle goôn kan schenken. Die regenboog wijst op het eeuwige
genadeverbond. Daarvan sprak Jesaja: “Want dat zal Mij zijn als de
wateren van Noach, toen Ik zwoer dat de wateren Noachs niet meer over
de aarde zouden gaan; alzo heb Ik gezworen, dat Ik niet meer op u
toornen, noch u schelden zal. Want bergen zullen wijken en heuvelen
wankelen, maar Mijn goedertierenheid zal van u niet wijken, en het
verbond Mijns vredes zal niet wankelen, zegt de Heere
uw Ontfermer”. Hetgeen uit Zijn lippen ging blijft vast en
onverbroken. Als Gods kind bij het zien op de toekomst daar eens wat
moed uit mag krijgen dan mogen ze zeggen: Om aan Uw trouw – want de
zaligheid voor een ontrouw en doodschuldig volk ligt vast in de
drie-enige Verbondsgod – om aan Uw trouw alleen mijn hoop te
hechten. En een regenboog was rondom de troon. Bij Noach kwam eerst
de watervloed en toen de boog, maar in onze tekst is het juist
andersom. Eerst ziet Johannes de regenboog en dan volgen in het boek
Openbaring, de vloeden van Gods toorn, de vloeden van pestilentie en
vervolging. Eerst de boog en dan hoe het gaan zal in de onbekende
donkere toekomst van 2019. Eerst de boog; wat een troost voor
Johannes en voor Gods volk. Eerst de boog, eerst dat eeuwige verbond.
Het is alsof de Heere zegt: Ik heb u liefgehad met een eeuwige,
onveranderlijke liefde en daarom zal Ik u, Kerk, bewaren, beschermen,
regeren en vergaderen en u straks thuisbrengen. Een regenboog rondom
de troon. En de kleur? Smaragd, groen. De kleur van de hoop, om aan
Uw trouw alleen mijn hoop te hechten. Geliefde (consulent)gemeente,
er is maar één volk gelukkig, temidden van alle schuld, ontrouw,
nood en wat er ook gebeuren mag in het jaar dat voor ons ligt. De
vastheid ligt in die regenboog rondom de troon. God leidt Zijn Kerk
door de woestijn en ze komen allemaal thuis. Wie zijn het? Leg uw
hart er maar naast. Al degenen die van dood levend gemaakt zijn. Wie
zijn het? Al degenen die door

leefden een gesloten hemel
verdiend te hebben. Wie zijn het? Al degenen die iets kennen van
Jaspis en Sardis, die verdienen weggestormd te worden vanwege Gods
heiligheid en rechtvaardigheid. Wie zijn het? Al degenen die in de
nood en in de dood van het leven heerlijkheid en waardigheid gezien
hebben in de Middelaar van dat genadeverbond. Wie zijn het? Die in
Christus zijn. Die komen thuis. Dat volk hoeft niet te vrezen. Dat
volk hoeft niet bezorgd te zijn. Mist u dat? Nog staat de deur der
genade open. Bekeert u en leef! Wie zijn het, die thuiskomen? Dezen
zijn het, die uit de grote verdrukking komen; en zij hebben hun lange
klederen gewassen en hebben hun lange klederen wit gemaakt in het
bloed des Lams. Daarom zijn zij voor de troon Gods en dienen Hem dag
en nacht in Zijn tempel. Gods volk heeft gezegende toekomst! En u/
jij?

Uw en jouw
(consulent) dominee A. Verschuure