Heidelbergse Catechismus Zondag 15

Vraag 37
Wat verstaat gij door het woordeken: Geleden?
Dat Hij aan lichaam en ziel, den gansen tijd Zijns levens op de aarde, maar inzonderheid aan het einde Zijns levens, den toorn Gods tegen de zonde des gansen menselijken geslachts gedragen heeft, opdat Hij met Zijn lijden, als met het enige zoenoffer, ons lichaam en onze ziel van de eeuwige verdoemenis verloste, en ons Gods genade, gerechtigheid en het eeuwige leven verwierve.

Vraag 38
Waarom heeft Hij onder den rechter Pontius Pilatus geleden?
Opdat Hij, onschuldig onder den wereldlijken rechter veroordeeld zijnde, ons daarmede van het strenge oordeel Gods, dat over ons gaan zou, bevrijdde.

Vraag 39
Heeft dat iets meer in, dat Hij gekruisigd is geweest, dan of Hij met een anderen dood gestorven ware?
Ja het; want daardoor ben ik zeker, dat Hij de vervloeking die op mij lag, op Zich geladen heeft; dewijl de dood des kruises van God vervloekt was.