Het stervend Tarwegraan

Indien het tarwegraan in de aarde niet valt en sterft, zo blijft hetzelve alleen.

Johannes 12:24b

Christus vergelijkt Zich hier met tarwegraan.
Vergeleken met tarwegraan is Christus veel kostbaarder. Alle tarwegraan komt uit de aarde, maar Christus is van hemelse afkomst.
Als God is Hij eeuwig, zonder oorsprong. Hij verliet de hemelse heerlijkheid door Zich in de handen te stellen van Zijn Vader, vrijwillig.
De Vader heeft Hem als Tarwegraan genomen en in de aarde gezaaid.
Gewillig nam Christus als Middelaar de menselijke natuur aan. Omdat het de menselijke natuur was die het voorwerp is van de zonden, begon zo Zijn nederige weg van lijden.
Zijn Goddelijke afkomst verhulde Hij in Zijn menselijk bestaan.
Wie heeft Hem geacht? Jesaja’s verdriet was dat hij Christus in die nederige gedaante niet geacht heeft, maar juist veracht.
Voor deze heerlijkheid moet je oog krijgen. Wie dat door genade ontvangt, mag met Johannes getuigen Zijn heerlijkheid te hebben gezien.
Tarwe is kostbaarder dan gerst. Gerst is de eerste oogst, waarvan de oogst in Israël begint met Pasen.
Omdat tarwe een dubbele aar heeft, is het rijker en voller. De tarweoogst begint met Pinksteren.
Dan worden de eerstelingen de tempel ingedragen. Hier komen enkele Griekssprekende tempelgangers naar de Heere Jezus om Hem te spreken.
Ze proberen toegang tot Jezus te krijgen. Ze wenden zich niet rechtstreeks tot Hem, maar tot enkele van Zijn discipelen.
Andreas en Filippus dragen Griekse namen. Zo is het contact gemakkelijker. Maar de opzet van deze tempelgangers mislukt.
Het is de tijd nog niet. Het Woord gaat nog niet uit tot de heidenen. Enkelen zijn al wel toegebracht, maar de volle oogsttijd is nog niet aangebroken.
Of voor deze Grieken de tijd van een persoonlijke ontmoeting met Jezus ooit is gekomen, weten we niet.
Johannes zwijgt daarover. Misschien ging het hen alleen om oppervlakkig contact. Dan kwam hun vraag niet voort uit honger naar kostbaar Graan of levend Brood.
Wij mogen onszelf onderzoeken of en hoe wij verlangen verzadigd te worden door dit kostbare Graan.
Toch is het uur van Christus hier wel nabij. De Vader bevestigt dat. Uit de hemel klinkt een stem.
De ure is gekomen, dat de Zoon des mensen zal verheerlijkt worden. Niet iedereen verstaat die woorden.
Voor sommigen klinkt er alleen een indringend geluid. Voor hen gaat Jezus uitleggen wat die stem betekent.
Als Profeet maakt Hij hier de wil van de Vader bekend. Dat doet Hij nog, ook om harde harten te verbreken.
De Vader zegt hier dat het uur van Christus’ verheerlijking nabij is.
Het uur van Gods welbehagen breekt aan. Dan zal het Woord van Christus ook tot Grieken en heidenen gaan.
Vanaf Pinksteren zal er een vrije toegang zijn tot de troon van genade. Ook heidenen ontvan-gen dan een recht van toegang.
Christus gaat straks heen om plaats te bereiden voor hen die Zijn Naam in waarheid zullen kennen, zowel uit Joden als uit heidenen.
Daar is een wonder voor nodig. Het is het wonder van het stervende Tarwegraan.
Hij is in de aarde gezaaid om te sterven. Want wanneer Hij niet sterft, dan blijft Hij alleen.
Dan is er geen verheerlijking en ook geen vrucht.
Psalm 126 spreekt over eenzaam graan. Dat is graan dat overblijft van de vorige oogst.
Bij de boerderijen waren opslagruimtes voor graan. Aan het einde van het winterseizoen raakt de bodem in zicht.
Graan is schaars en daardoor duur.
De boer moet kiezen. Zijn kinderen hebben honger. Zal hij dit een-zame graan gebruiken om er brood van te bereiden, of als zaaigoed?
Hij kiest voor het laatste. Dat betekent honger in huis tot aan de volgende oogst.
Hij gaat dat graan zaaien, maar in tranen. Wenend gaat hij voort. Het graan kost zoveel, zoveel tranen.
Christus is een kostbaar Tarwegraan, maar ook een eenzaam Graan. Alleen Hij, de volmaakte Mens Die ook God is, kan de wil van Zijn Vader doen.
En Hij doet dat, in lijdzaamheid. Christus heeft Zich gewillig in de aarde laten zaaien.
Hij was het eens met de weg van Zijn Vader. Hier offert Hij Zich op om te sterven.
Daarmee bereikt dit eenzame Tarwegraan het doel van Zijn Vader. Alleen zo zal Hij Zijn Vader de volle oogst bieden.
Want dit sterven draagt vrucht. Het stervende Graan gaat wel alleen Zijn weg, maar het blijft niet alleen.
Juist door te sterven, komt er leven. In de aarde kiemt het graan. Ook dat is een wonder.
Alleen God kan leven geven. Zo schenkt ook nu Gods Geest nieuw leven, als een eerste kiem, nauw verbonden aan Christus’ sterven.
Het offer van dit kostbare Graan draagt nog meer vrucht. Jezus spreekt hier van ‘veel vrucht’.
Niet voor ieder van de Zijnen is dat hetzelfde. De een draagt dertig-, een ander zestig-, weer een ander honderdvoud.
Maar de weg van het stervende Tarwegraan is wel herkenbaar.
In het verborgene sterft er iets.
De oude mens moet sterven met zijn gehechtheid aan wereld en zonde. Dat is hier op aarde een langdurig, levenslang proces.
De nieuwe mens mag vrucht dragen uit Christus, het kostbare Tarwegraan.
Hij draagt veel vrucht. Hijzelf is de Eersteling.
Christus’ sterven is totaal. Wil tarwegraan tot brood worden, dan moet het vermalen worden.
Dan komt het tussen de maalstenen van de graanmolen. Zo zal Christus verbrijzeld worden onder Gods recht.
Juist tarwegraan dat veel vrucht draagt, zal het meest gekneusd worden. Er zijn dan immers veel korrels om vermalen te worden.
Ziet u uit naar de vrucht van het kostbare Graan, ook in uw leven?
Besef dat het een stervend leven betekent, delend in het kruis van Christus. En dat meer vrucht, ook meer kneuzing en verbrijzeling betekent.
Kent u dit onderwijs van het stervende Tarwegraan?
Dan weet u waarom Hij een kostbaar Tarwegraan is. Zijn sterven geeft gerechtigheid die bestaan kan voor God.
Die gerechtigheid deelt Hij aan hongerigen naar levend Brood.
Eenmaal brengt Hij Zijn vrucht tot Zijn Vader.
Op dat goede uur draagt Hij Zijn schoven in de schuur.

Ds. H. Brons  (Vlaardingen)