Maar waar is het lam tot het brandoffer

Maar waar is het lam tot het brandoffer

Genesis 22:7b

Vele jaren was het geloof van Abraham om de beloofde zoon beproefd en bestreden: ‘Zouden Gods beloftenissen, verder haar vervulling missen?’ Immers door Izak zou de Heere de belofte van de komende Messias vervullen. Izak was niet alleen de zoon der belofte, hij was ook de vervulling van Gods belofte. Het beloofde kind is geboren. Volk, vervulde de Heere Zijn gegeven belofte al in uw hart? “Een Kind is ons geboren”. Het was echter de Godsspraak tot Abraham: “Neem nu uw zoon, uw enige, dien gij liefhebt, Izak, en ga heen naar het land Moría; en offer hem aldaar tot een brandoffer op een van de bergen, dien Ik u zeggen zal”. Izak, de zoon der vervulling, moest geofferd worden. Met de vervulling van Gods belofte moest Abraham de dood in.
Kent u daar iets van in uw leven? Werd de weg der zaligheid in Christus al aan uw ziel ontsloten? Werd Hij u in een weg van recht geschonken? En nu met Jezus de dood in, om het leven uit Hem te ontvangen. Daar is de Kerk blind voor. Nog meer? Dat ontdekt de vijandschap in het hart. Abraham ging met Izak de Moría op. Hoe? ‘En Abraham nam het hout des brandoffers en legde het op Izak, zijn zoon; en hij nam het vuur en het mes in zijn hand, en zij beiden gingen tezamen”. Toen sprak Izak tot Abraham, zijn vader. De stilte werd verbroken door een vraag. Welke? Waar is het hout? Nee, dat droeg hij en drukte. Welke? Waar is het vuur? Nee, dat zag hij branden en moest verteren. Welke? Waar is het mes? Nee, dat zag hij glinsteren en moest doden.
Kent u de last van schuld en zonden? Kent u het brandende vuur van Gods toorn en gramschap? Kent u het zwaard van Gods recht? Men zal weten in Adam de dood boven het leven te hebben gekozen. Voor een des doodschuldig mens blijft deze vraag over? Maar waar is het lam tot het brandoffer?’ Maar vanwaar het lam? Waar is het hart voor het offer?
U bent het lam toch niet vergeten? Izak liep in het gemis van een lam. Buiten een offerlam kon er niet geofferd worden. Zij konden toch buiten een lam God niet ontmoeten? Elke stap die hij zette was vol verschrikking en het naderen tot de offerplaats kwam naderbij. Kent u dit gemis, maar ook de eis van Gods recht? Hier baten geen beweegoffers meer, hier valt alles weg buiten het Lam. Er moet betaald worden, aan Gods recht voldaan worden: ‘En alle dingen worden bijna door bloed gereinigd naar de wet, en zonder bloedstorting geschiedt geen vergeving’. Maar waar is het lam tot het brandoffer?’
Weet u Wie die vraag niet stelde? Het enige Offerlam Jezus Christus. Het plaatsbekledend Offerlam. In de stilte van de eeuwigheid klonk de vraag des Vaders naar het Lam: “Wie is hij die met zijn hart borg worde om tot Mij te genaken?” Gods Zoon gaf Zich als het Lam uit liefde tot ‘s Vaders deugden en zaligheid van de Kerk. Het Lam is geslacht van voor de grondlegging der wereld. Wat wil dat zeggen? In Gods eeuwig en onveranderlijk besluit. ‘Waar is het Lam?’
Johannes de Doper wees Jezus als het Lam aan: “Zie, het Lam Gods, Dat de zonde der wereld wegneemt”. Voor wie kreeg dit Lam waarde? Voor hen die onder de scherpe wetsprediking verbrijzeld van hart werden door de Heilige Geest. Laat dat duidelijk zijn! De Heere geve ontdekking door de Heilige Geest, opdat alles buiten dit Lam de ziel ontvallen zal. Het is een wonder als het Lam aangewezen wordt. Zag u ooit heerlijkheid in dit Lam? Noodzakelijk is om dit Lam te kennen in Zijn borgtocht en opofferende liefde. “Als een lam werd Hij ter slachting geleid, en als een schaap dat stom is voor het aangezicht zijner scheerders, alzo deed Hij Zijn mond niet open”. Het Lam is geslacht! Hij onderging de hitte van Gods toorn en gramschap! Hij liet Zijn lichaam verbreken en heeft Zijn bloed vergoten. Hij is het heilige, volkomen, smetteloze Lam: “Want zodanig een Hogepriester betaamde ons, heilig onnozel, onbesmet, afgescheiden van de zondaren, en hoger dan de hemelen geworden”.
Hij heeft Zichzelf volkomen opgeofferd Gode tot een welriekende reuk. Lezer(es), kreeg u dit Lam al nodig tot vergeving en verzoening van uw zonde en schuld? Als u dit Lam niet kent, zult uzelf de zonde en schuld moeten dragen! Nog wordt dit Lam aangewezen tot zaligheid. In Hem is vergeving voor de grootste der zondaren. Volk, werd het Lam al aangewezen? Onvergetelijk! Kreeg het Lam in Zijn Offerande al waarde? Zag u door het geloof al op dit Lam? Omhelsde u dit Lam?
Hij is gegeven van de Vader: ‘Die ook Zijn eigen Zoon niet gespaard heeft. Maar waar is het lam tot het brandoffer?’ Of bent u het Lam kwijt? Dwaalt u als een schaap in het rond? Roept uw hart uit: ‘Waar is het Lam?’ Gods kinderen worden zo dikwijls op zichzelf, hun schuld, zonde en vuile klederen gewezen.
Dat drijft toch uit tot de troon der genade: ‘Waar is het Lam?’ Eens zal deze vraag niet meer gesteld worden. Als de Kerk verlost wordt van een lichaam der zonde en des doods, dan zullen ze het Lam zien, staande als geslacht. Vrijgekocht door het bloed van het Lam. Hij zal dan in Zijn verhoging gezien en gevolgd worden: ‘Dezen zijn het die het Lam volgen’. “Want het Lam, Dat in het midden des troons is, zal hen weiden, en zal hun een Leidsman zijn tot levende fonteinen der wateren; en God zal alle tranen van hun ogen afwissen”.
Dan zal het Lam toegebracht worden de lof, eer en aanbidding. “En zij zongen het gezang van Mozes, den dienstknecht Gods, en het gezang des Lams, zeggende: Groot en wonderlijk zijn Uw werken, Heere, Gij almachtige God; rechtvaardig en waarachtig zijn Uw wegen, Gij Koning der heiligen”. Zult u dit gezang van Mozes en des Lams ook zingen?

Wijlen ds. J. van Belzen (1964-2017)